Zorg dichtbij

Dit kabinet staat voor een toegankelijke, betaalbare en goede zorg voor iedereen. Er worden maatregelen genomen om de zorg beter te organiseren: dichtbij mensen. De huisarts en de gezondheidscentra in de buurt worden de spil in de zorg, dichtbij de patiënt of cliënt. Er komen wijkverpleegkundigen in de buurt. Samenwerking tussen alle partners in de zorg is hierbij belangrijk. In de langdurige zorg wordt aansluiting gezocht bij wat mensen zelf kunnen en wat gemeenten in staat zijn te organiseren voor mensen. Maatwerk. Dit kabinet pakt overbodige bureaucratie aan en neemt harde maatregelen om de verspilling in de zorg tegen te gaan.

–          Staatssecretaris Martin van Rijn regelt dat de wijkverpleegkundige vanaf 2015 in het basispakket van de zorgverzekeringswet wordt opgenomen. De wijkverpleegkundige krijgt net als de huisarts een centrale plek in de wijk. Hiermee geven we praktisch uitwerking aan het doel: zorg in de buurt. Er gaat 3 miljard euro naar de Zorgverzekeringswet voor wijkverpleging.

–          De Jeugdwet is door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen. Dat betekent dat vanaf 2015 gemeenten verantwoordelijk zijn voor alle jeugdhulp en de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. Deze wet zorgt ervoor dat we kinderen beter kunnen behandelen, begeleiden en beschermen. Het maakt een einde aan de bureaucratie en aan de versnipperde hulpverlening in de jeugdzorg. Er komt meer maatwerk voor kinderen en gezinnen, meer nadruk op preventie en voorkomen van over- en onderbehandeling. Geen 7 hulpverleners per gezien, maar: 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur.

–          Staatssecretaris van Rijn heeft de nieuwe Wet Maatschappelijke Ondersteuning naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze wet maakt het mogelijk voor mensen dat zij langer thuis kunnen blijven wonen en kunnen blijven participeren. Gemeenten krijgen de verantwoordelijkheden voor het organiseren van passende ondersteuning aan huis voor mensen die niet op eigen kracht kunnen deelnemen aan de samenleving. Gemeente en cliënt gaan gezamenlijk de ondersteuningsbehoefte en oplossingen bespreken. De eigen mogelijkheden en behoeftes van de cliënt zijn hierbij het uitgangspunt.